Norn

DnD Norn: sessie 25 (30/09/2014)

Met een zwanenbootje naar Svartálfheimr

Aanwezig: Bíta (Lucy), Fela (Sanne), Særwen (Lisa), DM (Lars)
Afwezig: Vængr (Tom)

De helden hebben goed geslapen bij Silvius en Silvia, maar hebben vreemd gedroomd. Særwen droomde over de godin Hel, haar patroon, die haar zei dat haar missie het handhaven van ‘de balans’ is. Bíta droomde ervan rug-tegen-rug met Þór tegen massa’s Goblims te vechten tot deze allen sneuvelden en ze overwinnen door de hemelen zouden reizen in zijn strijdwagen. Fela had een nachtmerrie over haar verleden. Vængr droomde vreemd genoeg dat hij zwanger was van 9 zoons en één dochter.
Er volgen enige gesprekken tussen de helden onderling en tussen de helden en Silvius. Fela wordt onder aanzienlijke druk gezet om meer over zichzelf te vertellen, maar ontwijkt de meeste vragen. De laatstgenoemde schenkt de helden flessen Sanguine, geeft ze nog een ontbijt-theetje en – als hij merkt dat ze niet willen blijven – gunt ze een uitweg.
Ze lopen naar het waterreservoir. Ratkyr en Boe blijken aan het vissen te zijn; Boe heeft de hengel vast, Ratkyr zwemt in het water rond. Er liggen reeds een stuk of tien vissen naast de Mini-Reuzen-Ruimte-Hamster. Ze ondervragen nu de stok: is er een groepslid bij machte om Bíta van het amulet van An Cailech te bevrijden? Ja! Buldert de stok. Boe verlost Bíta met een epische sprong en wat geknaag van het ding.
Silvius trekt nu aan een koord en een deel van de muur – waaronder men de vorige keer reeds een tunnel had zien lopen – verdwijnt! Op dat moment komt ook Silvia tevoorschijn. Uit de diepte verschijnt ze, sierlijk en sensueel vastgeklemd aan de hals van een opblaasbare zwanenboot met vleugels. Ze stapt uit. De helden mogen de boot hebben en stappen in. Ze varen de tunnel in. Het is stikdonker. Fela tovert een licht tevoorschijn op Særwens hoofd. Een imp – een soort klein, vliegend demoon – genaamd Gargyx verschijnt en vraagt hen of ze willen wedden op of ze de komende vijf minuten al dan niet zullen overleven; de meeste deelnemer hebben er blijkbaar op ingezet dat ze om zullen komen. De helden slaan dit aanbod af en de imp verdwijnt.
Het bootje schiet de tunnel uit en blijkt in het luchtledige te zijn. Er is een énorme grot voor hen. Boven hen schittert iets wat op een sterrenhemel gelijkt, maar het moeten edelstenen en ertsaders zijn, onder hen strekken zich wijdse, gevarieerde landen uit langs een groot, centraal gelegen meer. Het geheel is gehuld in een schemerduister. In het midden van het meer rijst een enorme, omcirkelde toren op – Ratkyr fluistert dat dit de hoofdstad van Svartálfheimr is. Eromheen liggen bossen van vreemde reuzenpaddenstoelen en andere onderaardse vegetatie. Er zijn wachttorens, villa’s, landerijen, kleine steden. In de verte, heel ver weg, doemt een oranje-gloeiende burcht op: volgens Ratkyr is dit de hoofdburcht van de demonische Duergar, een soort vervloekte Dwergen.
De helden beginnen neer te storten. Ze proberen in de lucht te blijven door te wapperen met de zwanenvleugels, maar zijn dusdanig geschokt dat ze geregeld de vleugels af doen breken – waarop Fela ze met magie soort van herbevestigd. Ze mikken op een afgelegen veld. Als ze neer dreigen te storten in de baai van een kleine Svartálfstad spreekt Fela haar Vederval-zweefspreuk uit op de boot, waardoor ze rakelings over het stadje weten te scheren. Ze landen midden tussen de paddenstoelen en holle stengels van het veld, het bootje is in niet al te beste staat, maar iedereen heeft het zonder kleerscheuren overleefd.

EINDE SESSIE

Comments

Lars_Nooij

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.